Polsfractuur

breuk van de pols

U wenst informatie over

Een polsfractuur ontstaat meestal na een val op de pols.
Afhankelijk van het type breuk wordt deze behandeld dmv een gips of een operatie.
Een operatie is nodig om de breuk te reduceren (of op zijn plaats te zetten) en te stabiliseren waardoor de pols sneller kan gemobiliseerd worden. Afhankelijk van de complexiteit van de breuk kan de pols eventueel langer geïmmobiliseerd worden.

vraag

Wat is een polsfractuur:

De voorarm bestaat uit 2 lange beenderen: het spaakbeen (radius) en de ellepijp (ulna). Bij een ernstige val op de pols breekt meestal het uiteinde van het spaakbeen. Soms breekt ook de tip van de ellepijp. Indien de breuk onverplaatst is, kan deze worden behandeld dmv gipsimmobilisatie.

In geval van verplaatsing is een operatie vaak noodzakelijk, enerzijds om de breuk te reduceren en anderzijds om de breuk te stabiliseren. Dit heeft als voordeel de pols sneller te kunnen laten mobiliseren in afwachting van breukheling, zodat minder gewrichtsverstijving ontstaat. Een breuk is na 6-12 weken genezen, afhankelijk van de botkwaliteit.

vraag

Klachten:

  • Pijn
  • zwelling
  • scheefstand / vorkstand van de pols.
vraag

Diagnose:

  • klinisch onderzoek

  • RX

  • zo nodig: CT

vraag

Waarom behandelen:

  • Om de breuk te reduceren (het bot op z'n plaats zetten)
  • Om het bot oefenstabiel te krijgen, om snel te kunnen mobiliseren
vraag

Welke behandeling hangt af van:

  • de ernst van de breuk
  • de patiënt (leeftijd, fysieke conditie, botkwaliteit, rookgedrag, voorkeur vd patiënt,...)
onverplaatste of matig verplaatste fractuur

Niet-operatieve behandeling

  • Pijnstilling
  • Gipsimmobilisatie gedurende enkele weken.
  • Hoogstand
  • Ijsapplicatie
ernstig verplaatste fractuur

Operatieve behandeling

  • Polspinning:
    Deze techniek wordt hoofdzakelijk toegepast voor polsfracturen bij kinderen. Slechts af en toe wordt een polspinning bij een volwassene uitgevoerd. De pinnen moeten na bepaalde tijd terug worden verwijderd. 1

  • Plaat en schroefosteosynthese:
    Deze techniek is nu standaard bij de behandeling van polsfracturen. Het heeft het voordeel de breuk op zijn plaats te zetten en te stabiliseren om op die manier vlot polsmobilisatie toe te staan. 2

  • Plaat en schroefosteosynthese met behulp van kijkoperatie:
    Indien de breuk tot in het gewricht loopt en het bot verbrijzeld is, wordt geopteerd voor een kijkoperatie om het gewrichtsoppervlak zo goed als mogelijk te reconstrueren. 3
  • Externe fixator:
    In bepaalde gevallen wordt geopteerd voor een externe fixator. Vaak gaat het om complexe breuken. De externe fixator wordt na enkele maanden weer verwijderd, als de breuk voldoende vastgegroeid is.
  • Bridging plate:
    Plaat en schroefosteosynthese van de pols die functioneert als inwendige fixator en de pols voor een bepaalde tijd overbrugt om de breuk te laten genezen. Na enkele maanden wordt het materiaal weer verwijderd en kan gestart worden met mobiliseren.

Operatie: samengevat

Verblijf Verblijf

Dagopname of 1 nacht opname

Anesthesie Anesthesie

Locoregionale verdoving of algemene verdoving

Duur operatie Duur operatie

30 min - 1u30 min

Immobilisatie Immobilisatie

afhankelijk van de ernst van de breuk en de ingreep: 2 weken afneembare tot 8 weken vaste gips

Kinesitherapie Kinesitherapie

zo nodig, eenmaal uit het gips

Wondverzorging Wondverzorging

Wonde bedekt laten

Thuisverpleging Thuisverpleging

in principe niet noodzakelijk

Sporten Sporten

vanaf 6 - 12 weken

Autorijden Autorijden

eenmaal uit het gips

Wassen Wassen

van zodra de hechtingen verwijderd zijn

Werkonbekwaam Werkonbekwaam

2 - 6 maanden

Volledig herstel Volledig herstel

1 jaar

Operatie: uitgebreide uitleg

vraag

Wat moet u doen vóór de ingreep:

  • Meestal wordt een polsfractuur in urgentie behandeld. Het kan zijn dat de ingreep 1 of enkele dagen later wordt uitgevoerd. bv door te weinig operatietijd, de chirurg, bloedverdunners. Indien de ingreep wordt gepland zijn volgende punten van belang:
  • Nuchter: U bent nuchter de dag van de operatie (= niet eten, drinken of roken vanaf middernacht vóór de operatie). Indien u in de namiddag wordt geopereerd, is een beperkt ontbijt toegestaan. U dient wel minstens 6 uur vóór de operatie nuchter te zijn! Thuismedicatie mag ‘s ochtends nog worden ingenomen met een klein slokje water. Geen koffie of andere dranken !
  • Bloedverdunners: In overleg met uw huisarts, wordt de inname van bloedverdunners tijdelijk gestopt. Asaflow mag in principe verder worden ingenomen.
  • Vooronderzoeken: Zo nodig wordt voor de operatie bij de huisarts een bloedafname en ECG afgenomen. Het resultaat wordt meegenomen de dag van de operatie.
  • Samenwerkingsdocument: U neemt het samenwerkingsdocument ingevuld en ondertekend mee de dag van de operatie en geeft dit aan de verpleegkundige.
  • Suikerziekte: In geval van suikerziekte zal u vroeg worden behandeld en is het belangrijk de diabetesmedicatie pas na een ontbijt nà de operatie in te nemen.
  • Allergieën: Vergeet niet te vermelden indien u allergisch bent aan medicatie, latex of ontsmettingsmiddelen
  • Gelnagels: U draagt bij voorkeur geen valse nagels. U heeft propere nagels.
  • Sierraden: U draagt geen ringen aan de te opereren hand. Zo nodig vraagt u hulp (bv. juwelier) om de ring (tijdelijk) te verwijderen.
  • Kledij: U draagt kledij met korte / losse mouwen.
vraag

U wordt geopereerd in AZ St Jan Brugge:

  • Dagziekenhuis:

De werkdag vóór uw operatie zal u worden opgebeld door de vooropname eenheid ('VOE'). Er zal u worden gemeld hoe laat u in het ziekenhuis wordt verwacht. U mag rechtstreeks naar de verdieping van het dagziekenhuis.

U hoeft niet via de inschrijvingskiosk op het gelijkvloers te passeren.

  • Kortverblijf:
vraag

U wordt geopereerd in AZ St Lucas Brugge:

In dagziekenhuis:

U neemt de werkdag vóór uw operatie tussen 17u30 en 18u30 telefonisch contact met het secretariaat van de dagkliniek (050 / 36 90 10). Het uur van opname zal u meegedeeld worden.

In kortverblijf:

vraag

Welke verdoving:

  • Locoregionale verdoving:

Bij deze vorm van verdoving wordt de volledige hand of arm verdoofd door enkele verdovende prikjes in de onderarm (polsblok) of oksel (plexus anesthesie). Deze verdoving wordt toegediend door de anesthesist. Met deze manier van verdoving slaapt de volledige hand. De patiënt voelt dat er geopereerd wordt maar het doet geen pijn.

  • Algemene verdoving
vraag

Hoe verloopt de ingreep:

  • Indien de ingreep onder locoregionale verdoving plaatsvindt, wordt een knelband opgeblazen aan de bovenarm (zoals een bloeddrukmeter) zodat bloedloos kan geopereerd worden. Deze knelband kan wat vervelend zijn, maar de operatie duurt niet lang.
  • De hand en arm wordt volledig ontsmet. Nadien worden steriele doeken aangebracht.
vraag

Tijdens de hospitalisatie:

De operatie vindt plaats in dagopname of kortverblijf.

vraag

Administratie:

  • Arbeidsongeschiktheid
  • Mutualiteit
  • Verzekering
  • Beroepsziekte
  • ...

Neem uw in te vullen administratie mee:

  1. naar de operatiezaal, of,
  2. de dag na de operatie bij de huisarts of gipskamer
vraag

Na ontslag:

  • Autorijden: Zolang u een gips draagt met u zelf niet met de wagen rijden.
  • Opnameduur: dagopname / kortverblijf
  • Verdoving: De locoregionale of algemene verdoving
  • Pijnstillers: paracetamol
  • Controles na de ingreep:
    afhankelijk van het type ingreep
vraag

Controle en opvolging:

  • doorgaans wordt de pt teruggezien op de gipskamer, 1 dag na de ingreep
  • 2 - 6 - 12 weken
vraag

Revalidatie:

  • Onmiddellijk bewegen van de vingers en pols is aanbevolen.
  • Kinesitherapie enkel indien nodig
vraag

Eventuele complicaties:

vraag

Nog enkele tips:

- Hou de hand na de operatie voldoende hoog en beweeg voldoende met de vingers en pols. Dit beperkt de postoperatieve zwelling.