Operatief: de artroscopische artrolyse

>
>
>
>
>
Info voor patienten > Schouder > Frozen shoulder of adhesieve capsulitis > Behandeling > Operatief: de artroscopische artrolyse >

2 situaties wanneer een ingreep uitgevoerd wordt:

  1. Eerste stadium met onhoudbare pijn en onvoldoende beterschap na pijnstilling en infiltraties
  2. Tweede stadium, zonder verbetering van de beweeglijkheid na een jaar kinesitherapie

  • Wat moet er gebeuren voor de ingreep?
    • Verwittig uw kinesist zodat hij u al kan inplannen na de ingreep
    • Ga naar de opnamedienst om de administratieve zuil van uw opname te regelen
    • Neem afspraak met uw huisarts voor de preoperatieve onderzoeken en vragenlijsten. Vergeet de resultaten niet mee te nemen bij opname
    • Vergeet niet te vermelden als u allergisch bent aan medicatie, latex of ontsmettingsmiddelen
    • Bloedverdunners moeten soms gestopt worden, bepaal dit met de orthopedist of huisarts
    • De dag van de ingreep moet u nuchter zijn (niets eten of drinken)
    • Druk de vragenlijst af, vul de resultaten in en breng deze mee de dag van de ingreep

  • Principe 
    • Na algemene verdoving wordt de schouder volledig vrijgemaakt. Eerst door een manipulatie, vervolgens met een kijkoperatie:
    • De chirurg maakt enkele kleine sneetjes door de huid van je schouder. Via een van die sneetjes brengt hij of zij een artroscoop – een kleine camera - in het gewricht. Het beeld afkomstig van de camera wordt vergroot geprojecteerd op een beeldscherm. Langs de overige sneetjes voert de chirurg de ingreep uit met speciale instrumenten.
    • Alle verklevingen worden volledig vrijgemaakt.


  • Hoe verloopt de ingreep?
    • Om de pijn maximaal te bestrijden gebruiken we een locoregionale en algemene anesthesie. Meer informatie over pijnbestrijding voor, tijdens en na de ingreep vindt u hier.
    • Meestal worden de patiënten pas echt wakker en goed bewust in de ontwaakkamer. 
    • De geopereerde arm bevindt zich dan in de draagdoek; Vergeet niet dat de arm dan volledig slaapt als u een locoregionale verdoving gehad hebt;
    • Eens goed wakker keert u terug naar uw kamer. 


  • Beleid tijdens de hospitalisatie.
    • Opname de dag zelf van de ingreep en hospitalisatie van 1 tot 3 nachten
    • Als alles goed gaat, kan u dezelfde avond al iets eten en drinken;
    • De  arm wordt meestal in het midden van de nacht wakker. Vanaf dan zal u de postoperatieve pijn gewaar worden.  U krijgt aangepaste pijnstilling, maar als dit onvoldoende is, belt u de verpleegkundigen op.
    • De dag na de ingreep :
      • Verpleegkundige zorgen
      • Kinesitherapie: aan-en uitdoen schouderverband, oefeningen en raad over zelfredzaamheid 
      • Bezoek orthopedist voor verdere informatie
      • Met een interscalenus blok kan u tegen de middag naar huis, tenzij u om medische redenen langer moet blijven.
      • Met en interscalenuscatheter (pijnpompje) blijft u tot drie dagen in het ziekenhuis voor intense kinesitherapie en maximale pijnbestrijding (wordt uitzonderlijk gedaan)


  • Beleid na ontslag: 
    • Meer informatie over pijnbestrijding voor, tijdens en na de ingreep vindt u hier.
    • De draagdoek draagt u enkel als u pijn hebt.
    • U mag dagelijks een ijspak op de schouder leggen.
    • Neem voldoende pijnmedicatie en ontstekingsremmers (indien voorgeschreven) tot de pijn draaglijk is
    • Wondverzorging
      • Voor u het ziekenhuis verlaat, worden de verbanden ververst. De verbanden moeten altijd droog en proper blijven. Meestal zijn het waterafstotende verbanden die U niet hoeft te vervangen. U mag een douche nemen maar de verbanden mogen niet weken in een bad.
      • Indien ze vuil zijn of loskomen, mag U ze vervangen door nieuwe die U vrij kan kopen bij de apotheek. Bij twijfel, raadpleeg Uw huisarts. De verbanden worden definitief verwijderd tijdens de controle consultatie twee weken na de ingreep.
      • De korstjes moeten vanzelf vallen, dit geeft de mooiste littekens. Eens de korstjes gevallen zijn, mag u de littekens met hydraterende zalf insmeren om de huid soepel te maken.
      • Let altijd op roodheid, zwelling, sijpelende wondjes, koorts en toenemende pijn. Indien één van deze tekens optreedt, neemt u best contact met uw huisarts. 


  • Controle en opvolging 
    • Raadpleging orthopedie na 2, 6 en 12 weken. Langer enkel indien nodig


  • Revalidatie:
    • Oefeningen die u zelf mag doen
    • Stijfheid is een natuurlijk maar tijdelijk gevolg na een ingreep. Bij het aankleden begint u best met de betrokken arm. Bij het uitkleden begint u met de gezonde kant. Vermijd bruuske bewegingen. 
    • Dagelijkse oefeningen
    • Intensieve kinesitherapie, 3 à 5 keer per week, tot 60 zittingen terugbetaald
    • De revalidatie duurt lang maar zolang er ook al trage beterschap is, bent u op de goede weg. Kan tot 6 maanden duren voor de volledige mobliliteit terugkomt


  • Verwikkelingen
    • Afname van de pijn en betere beweeglijkheid in de meeste gevallen.
    • Mogelijke complicaties tijdens de ingreep zijn uitzonderlijk:
      • Fractuur, luxatie, rotator cuff scheur
    • Opnieuw invriezen is mogelijk maar gebeurt uitzonderlijk
    • Infectie kan na elke ingreep maar komt ook niet frequent voor. Denk er aan bij koorts, lokale roodheid, zwelling of abnormale pijn. Hanteer zelf een goede hygiëne van de operatiewondjes en volg de instructies voor de verzorging goed op.
    • Tromboflebitis: de vorming van een bloedklonter in de aders. Dat is zeldzaam na een schouderoperatie. Loop vooral genoeg rond, om dit te voorkomen.
    • Schade aan een bloedvat of zenuw is ook erg zeldzaam. Een zenuwprobleem komt meestal vanzelf in orde na enkele maanden.
 



    Terug