De rotator cuff

>
>
>
>
De diepe laag sluit nauw aan rond het glenohumeraal gewricht. Er zijn 4 spieren die van het schouderblad vertrekken en de humeruskop bijna volledig bedekken. Die vier spieren vormen samen het rotatoren manchet of de rotatorcuff in het Engels. Aan de voorkant van de humeruskop bevindt zich in de subscapularis spier.
Bovenop de humeruskop,de supraspinatus spier en achteraan de infraspinatus en teres minor spier. Rondom de humeruskop bestaat de rotatorcuff voornamelijk uit pees weefsel (het uiteinde van de spieren).




Tussen de supraspinatus en subscapularis loopt de lange bicepspees. Deze pees vertrekt van de bovenkant van het glenoïd en vergezelt de korte bicepspees onder het schoudergewricht.
Tussen de rotatorcuff en het acromion is er een beurs slijmvlies (bursa subacromialis) dat een de beschermende laag vormt tussen rotatorcuff en het dak van de schouder.

De rotatorcuff heeft een dubbele functie. Ten eerste zorgt de spiermassa ervoor dat we de armen kunnen draaien. Ten tweede zullen de 4 spieren door samenwerking de humeruskop stevig op het glenoïd vasthouden. De rotatorcuff beweegt en stabiliseert dus de schouder.
 






    Terug